Wij publiceren regelmatig in onze kerndomeinen van Contracten, Vennootschappen en Handelsrecht. Dergelijke publicaties zijn meteen een uitstekend middel om onze kennis blijvend te verdiepen:

  • H. VAN GOMPEL en W. WIJSMANS, “De buitengerechtelijke ontbinding: springlevend, ondanks een aarzelend Hof van Cassatie en een verdeelde doctrine”, Limb. Rechtsl. 2015, 99.
  • H. VAN GOMPEL en W. WIJSMANS, “De beëindiging van een handelsagentuur wegens ernstigetekortkoming en wegens een uitdrukkelijk ontbindend beding: twee te onderscheiden beëindigingsvormen”, RABG 2015, 619.
  • H. VAN GOMPEL, “De toepassing van de exceptie van niet-uitvoering vereist samenhang tussen de wederzijdse verbintenissen”, Limb, Rechtsl. 2014, 273.
  • H. VAN GOMPEL, “Een forumbeding in algemene factuurvoorwaarden getoetst aan artikel 23 EEX-verordening”, Limb. Rechtsl. 2013, 244.
  • H. VAN GOMPEL, “Een pathologisch arbitraal beding inzake de benoeming van arbiters: onwerkzaam of remediëren”, Limb. Rechtsl. 2011, 142.
  • H. VAN GOMPEL, “De (mogelijke) nietigheid van een dading afgesloten na een in kracht van gewijsde gegane beslissing over dezelfde betwisting”, Limb. Rechtsl. 2010,9.
  • H. VAN GOMPEL, “Vereist de toepassing van de exceptie van niet-uitvoering een voorafgaande ingebrekestelling?”, Limb. Rechtsl., 2010, 116.
  • H. VAN GOMPEL, “De rol van de billijkheid bij de bepaling van de uitwinningsvergoeding van een agent”, Limb. Rechtsl. 2008, 342 e.V.
  • H. VAN GOMPEL, “Hoe ernstig moet een “ernstige tekortkoming” zijn om toepassing te maken van art. 19 Handelsagentuurwet?”, Limb. Rechtsl. 2008, 313 e.v.
  • H. VAN GOMPEL, noot onder Kh. Hasselt, 5 mei 2004, Limb. Rechtsl. 2007,147.
  • H. VAN GOMPEL, “De uitsluiting en uittreding door een Limburgse bril – Overzicht van rechtspraak (2000-2005) van de Voorzitters van de Rechtbank van Koophandel te Hasselt en Tongeren inzake de geschillenregeling”, Limb. Rechtsl. 2006, 169.
  • H. VAN GOMPEL, “Arbitrage in hoofdlijnen”, Limb. Rechtsl. 2005, 1-23.
  • H. VAN GOMPEL, “De onrechtmatige bedingen in de W.H.P.C. : een (eerder onbekende?) uitweg voor de consument”, Limb. Rechtsl. 2004, 187 e.v.,
  • H. VAN GOMPEL, “De vordering tot bindendverklaring: enkel mits respect voor de rechten van verdediging”, Limb. Rechtsl. 2004, 56.
  • H. VAN GOMPEL, “De verplichte zekerheidsstelling t.v.v. de uittredende aandeelhouder in het kader van de geschillenregeling”, Limb. Rechtsl. 2003, 59.
  • H. VAN GOMPEL, “De houding van de eisende partij en de (niet-)toepassing van zijn eigen factuurvoorwaarden – Toepassing van het leerstuk van afstand van recht”, Limb. Rechtsl. 2002, 104.
  • H. VAN GOMPEL, noot onder Antwerpen 25 juni 2001, Limb. Rechtsl. 2001, 303.
  • H. VAN GOMPEL, “Het onvolmaakt karakter van de rechtstreekse vordering van de onderaannemer”, Limb. Rechtsl. 2000, 424.
  • H. VAN GOMPEL, “De rechtspersoon in het (nieuwe) strafrecht : de wet van 4 mei 1999 tot invoering van de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van rechtspersonen”, Limb. Rechtsl. 2000, 3-32 (schriftelijke weergave van de uiteenzetting gehouden tijdens de openingsconferentie van de jonge Balie van Hasselt).
  • H. VAN GOMPEL, “Uitvoerbaarverklaring bij voorraad en (uitdrukkelijke) motiveringsverplichting”, Limb. Rechtsl. 1998, 212.
  • H. VAN GOMPEL in K. VAN DEN BROECK en E. DURSIN (ES), Handelsagentuur, Mijs & Breesch, 1999: hoofdstuk over het dwingend karakter en hoofdstuk over de toepassing in de tijd.
  • H. VAN GOMPEL, “De buitengerechtelijke ontbinding van een overeenkomst en de remediëringsbevoegdheid van de rechter in het kort geding”, T.B.H. 1996, 1017.
  • H. VAN GOMPEL, “De aanstelling bij eenzijdig verzoekschrift van een gerechtelijk sekwester over vennootschapsdocumenten:”, T.R.V. 1995, 195.
  • H. VAN GOMPEL, “Over de toepassing van artikelen 31-32 W.H.P.C”, T.B.H. 1995, 327.
  • H. VAN GOMPEL, “Inzake de wettelijke opgelegde creativiteit van de keuze van de benaming van een bedrijfsinrichting – Mogelijke implicaties voor de instrumenterende notaris”, T.R.V. 1993, 80.
  • H. VAN GOMPEL, “Over zaakvoerders- verhuurders en aandeelhouders van een vennootschap – huur: een “ogenschijnlijk” huurprobleem met (gegronde) vennootschapsrechtelijke implicaties”, T.R.V. 1991, 436.
  • H. VAN GOMPEL, “Verzet tegen een faillissementsvonnis op bekentenis verkregen na rechtsmisbruik”, T.R.V. 1991, 92.
  • Medewerking door H. VAN GOMPEL aan het boek: G. SCHRANS, G. en H. VAN HOUTTE “Internationaal handels- en financieel recht“, Acco, 1991.